De buurtbus

De eerste buurtbusjes werden door De Berk uit Bree aangeschaft.

Het ontoereikende verkeer in het noorden van Limburg ligt in 1983 aan de oorsprong van de buurtbus. Het concept van de buurtbus werd al sinds 1977 in Nederland toegepast: kleine bussen met vrijwillige chauffeurs ontsluiten nabijgelegen dorpen.

De gemeenten Peer, Bree en Kinrooi hebben interesse in het project. Elk leggen ze hun eigen accenten. Vanaf december 1983 rijden de buurtbussen hun eerste ritten. Na tien jaar blijkt het project een succes met meer dan 400.000 reizigers en 2,5 miljoen afgelegde kilometers.

Aangezien de Buurtspoorwegen zelf geen minibusjes hebben, wordt een exploitant gevraagd om enkele minibusjes te kopen. De Berk uit Bree schaft zo enkele Citroën busjes aan, die een aangepaste carrosserie krijgen.

In de loop van 1988 en 1989 worden nog enkele buurtbusprojecten gelanceerd, ondermeer in Brasschaat, Poperinge, Heist-op-den-Berg, Bassenge en Froidchapelle. In de eerste drie plaatsen is het project geen lang leven beschoren. In deze gevallen baten de Buurtspoorwegen de lijntjes zelf uit, dit met de nieuw geleverde reeks LAG Atlantic minibussen (2209-2233).

De Buurtbussen van Kinrooi, Bree en Peer worden in respectievelijk 1998, 2003 en 2007 door een belbus vervangen. Al in 2003 waren de vrijwillers vervangen door professionele chauffeurs. De Buurtbussen van Froidchapelle en Bassenge bestaan nog steeds.

Vanaf 2008 blazen verschillende TEC-entiteiten de buurtbus nieuw leven in als de Proxibus. Maar door de veranderde transportbehoeften zijn veel van deze projecten geen lang leven beschoren. In Vlaanderen wordt meer aandacht gegeven aan het vraagafhankelijke vervoer via de Belbus.

Dit kan je ook interesseren

Terug naar boven