De eerste busdiensten, de eerste wetten

De Autobus Rapide verzorgde één van de busdiensten tussen Antwerpen en Boom.

Om de wilde groei aan busdiensten, die de buurttram het vuur aan de schenen leggen, wordt er op 15 september 1924 een wet goedgekeurd die een systeem van vergunningen invoert. Deze moeten de wildgroei aan buslijnen aan banden leggen.

Het jaar erop stappen de Buurtspoorwegen zelf het verhaal van de bus binnen met hun eerste lijn tussen Etterbeek en Overijse.

In het jaarverslag van 1924 klaagt de maatschappij dat ze het voorbije dienstjaar meer en meer concurrentie ondervond van private busdiensten, vooral in de provincie Antwerpen. Ze krijgt bij de lokale besturen ook niet altijd de steun om deze diensten te laten verbieden. De maatschappij vestigt ook de aandacht dat veel gemeenten en steden bijdroegen tot de vorming van de kapitalen van de buurtlijnen, en dat ze door het toekennen van machtigingen aan busdiensten, hiermee in hun eigen belangen schade toebrengen.

Uiteindelijk worden in 1924 twee wetten goedgekeurd. Een hiervan - de wet van 11 augustus 1924 - geeft de NMVB een voorkeurrecht om busdiensten in te richten op trajecten die (deels) parallel lopen met een buurtlijn, of die twee buurtlijnen met elkaar verbinden. De De wet van 15 september 1924 (artikel). wet van 15 september regelt het systeem van de vergunningen.

De eerste echte stadsbuslijnen

Ook in verschillende steden begint de bus nu echt door te breken.

Na de proef tussen 1907 en 1913 hadden de Tramways Bruxellois zich op het pure trambedrijf teruggeplooid. Maar in 1924 klinkt de roep van de bus opnieuw. Hierop wordt op 27 mei 1926 een filiaal opgericht, de S.A. des Autobus Bruxellois. In december hetzelfde jaar worden door middel van een koninklijk besluit de twee lijnen, die tot dan uitgebaat werden door de S.A. Bruxelloise d’Auto Transport naar de nieuwe maatschappij. overgedragen. Het doel? De bus als aanvulling van het tramnet.

De Compagnie Générale des Tramways d’Anvers, die in Antwerpen de trams uitbaatte, kocht in 1925 zes bussen van het merk Scemia-Schneider aan. Het jaar daarop neemt ze ook twee lijnen (en het materieel) van de Autobus Belges. Daarop richtte de CGTA een filiaal op, de Autobus anversois S.A., of Antwerpsche Autobussen.

Terug naar boven