Het einde van de groene bussen

Een typisch zicht in 1977-1978: een groene bus met het NMVB-logo. A. Weyn 270123 te Gent St-Pieters.

In 1977 trekken de spoorwegen zich na veertig jaar uit het busvervoer terug: de groene bussen gaan over naar de Buurtspoorwegen.

Begin jaren zeventig maakt de regering werk van een nationaal vervoerplan. Doel is om de beschikbare middelen zo efficiënt mogelijk te verdelen. Een denkpiste is een fusie van het busvervoer. Deze plannen geraken midden jaren 1970 in een stroomversnelling. Onder leiding van toenmalig Minister van Verkeerswezen Jos Chabert wordt in de ministerraad van 13 juni 1975 een beslissing getroffen: de groene bussen van de NMBS zullen door de NMVB overgenomen worden. Ook worden enkele regionale commissies uit de grond gestampt om het vervoerplan - met ondermeer de coördinatie van het stedelijk en interstedelijk vervoer - verder uit te werken. Wikipedia: Jos Chabert.Hierin zitten ondermeer vertegenwoordigers van de NMBS, alsook van het Ministerieel Comité voor gewestelijke aangelegenheden.

Naast de gewone lijndiensten gaan ook de speciale- en schooldiensten naar de NMVB over. Zo kunnen ook de tarieven éénvormig gemaakt worden.

In 1977 is het zover. De nieuwe dienstregelingenboekjes die op 22 mei ingaan, bevatten zowel de vroegere NMBS lijnen als de buurtspoorweglijnen. De NMBS zet tot dan nog 30 juni 1977 de exploitatie van haar eigen buslijnen verder. Vanaf 1 juni neemt de NMVB ze over.

De volgende stap wordt op 1 september gezet. Tot 31 augustus bleef de NMBS-tarificatie nog geldig op de overgenomen lijnen (om zo een overgangsperiode te maken). De gemengde abonnementen - een verplaatsing met trein en bus - worden afgeleverd volgens de totale afstand tegen spoorwegtarief.

In september 1977 neemt de firma Roman uit Doornik een eerste oranje bus in dienst. De nog groene 462101 poseert naast de fonkelnieuwe 462106. Op de voorgrond zien we v.l.n.r. André Roman, Adelin Roman en Roger Dupont (concessionaris van Volvo).

Roman Tournai

In totaal worden 197 gewone busdiensten met een lengte van 9796 km en 2106 speciale diensten met een lengte van 71495 km overgenomen. Einde 1977 beheert de NMVB 538 gewone busdiensten (24.996 km) en 5877 speciale diensten (148.752 km), praktisch een verdubbeling.

Op het geheel van die gehergroepeerde diensten exploiteert de NMVB zelf 62,1 % van het verkeer op basis van de afgelegde kilometers en exploitanten 37,9 %. Het buspark telt eind 1977 3579 eenheden, waarvan er 2316 aan de Maatschappij toebehoren.

Contractnummers

Artikel: Hoe herken ik een pachtersbus? De exploitanten worden net als voorheen met contracten aan de maatschappij gebonden. Nieuw is de invoering van contractnummers, die ook op de bussen aangebracht worden. Elke exploitant ontvangt eind augustus 1977 een brief met richtlijnen om de nummers op de bussen aan te brengen.

Er zijn drie reeksen cijfers, te plakken op de binnenkant:
• Rechter bovenhoek van de voorruit: zwarte cijfers op witte achtergrond en leesbaar aan de buitenkant;
• Linker bovenhoek van de achterruit: zwarte cijfers op witte ondoorschijnende achtergrond en leesbaar aan de buitenkant;
• Linker bovenhoek van de achterruit: zwarte cijfers te plakken en leesbaar aan de binnenkant.

In de maanden - en jaren - die daarop volgen zullen de meeste groene bussen in de nieuwe oranje-crème livrei van de NMVB gebracht worden.

Collecties: Lastenkohier van 1 maart 1978Als sluitstuk van de overname werd in maart 1978 een nieuw lastenboek uitgebracht, dat de verhuring van personeel en bussen regelde.

Terug naar boven