De « Neerman-generatie »

Begin 1975 is de eerste fase van de hernieuwing van het park voltooid. Andere reeksen moeten echter ook vervangen worden. Na 15 jaar trouwe dienst zijn nu ook de Brossel A98 aan de beurt. Ook vertonen de uitgelengde Brossel A92 chassis nog altijd problemen ondanks een grote motorrevisie. Ook moeten de acht prototypes (reeks 8900) vervangen worden.

Het feit dat reizigers meer comfort verwachten, is de MIVB niet ontgaan. Het lastenboek wordt daarom tot in de puntjes uitgewerkt. De bussen krijgen ondermeer individuele zitjes met hoofdsteun. De carrosserie moet vernieuwing en elegantie uitstralen. Om dit laatste te bereiken laat men het design over aan het bureau Neerman, dat ook instaat voor het ontwerp van de metrostellen die in 1976 in dienst zouden komen.

Vier proefreeksen

Net zoals in 1956 belist de MIVB om eerst vier proefreeksen in dienst te nemen, alvorens te beslissen met welke constructeur ze verder zal gaan.

Een eerste proefreeks wordt te Frontispice geleverd tussen april en november 1975. Deze bussen zijn voorzien van een DAF motor en zijn van het type AU 115X. Uiterlijk lijken ze nog sterk op de Fiat 6 reeks, maar het interieur is totaal verschillend. De zitjes zijn individueel met hoofdsteun. Ze krijgen de nummers 8001-8014.

Bus 8009 wacht z'n vertrek af op lijn 47 in de Hallenstraat. Door de ingebruikname van de premetrolijn 3 (Noordstation-Zuidstation) werd deze lijn begin oktober 1976 tot de Beurs beperkt. © Coll. M. Reps.

MIVB 8009

Een vijftiende exemplaar, van het type AU 115/1, is de eerste bus ontworpen door Neerman. Hij bus krijgt het nummer 8015. Vanaf 11 november 1980 krijgt deze bus een digitale bestemmingsaanduider van het merk Gulton. Hij voert vanaf dan enkel nog maar diensten uit op lijn 20 (of speciale diensten).

Met de St-Katelijne op de achtergrond vertrekt de 8015 richting Heizel. Lijn 89 zou met de komst van de metro in mei 1981 tot Graaf van Vlaanderen beperkt worden. © Coll. M. Reps.

MIVB 8015

De remise Frontispice krijgt tussen mei en juli 1975 eveneens de tweede proefreeks toebedeeld. De reeks 8016-8030 is een Mercedes O 305 chassis waarop Jonckheere een door Neerman ontworpen carrosserie bouwt. De carrosserie lijkt op die van de 8015 maar is meer afgerond. De schortband krijgt een grijze kleur.

Bijna onherkenbaar: Antwerpsepoort. Op de achtergrond het viaduct van de Emile Jacqmainlaan. Lijn 46 zou in 1982 sneuvelen. © Coll. M. Reps.

MIVB 8018

De eerste Volvo's

Op 20 oktober 1975, terwijl er nog geen enkele bus van de derde of vierde proefreeks geleverd is, begint Jonckheere met het leveren van het eerste exemplaar van een reeks van 60 bussen van het merk Volvo B59-55. De carrosserie lijkt sterk op die van de reeks 8016-8030 maar de motor is van een heel ander kaliber. De motor is voorzien van een supercharger, waarvan de kracht getemperd wordt door een tweetraps Voith versnellingsbak. Deze reeks, de zogenaamde « Volvo 1 » krijgen de nummers 8061-8120. Ze worden geleverd in de remise Elsene, dit tussen oktober 1975 en september 1976.

Bus 8118 voert een dienst uit op lijn 28 (Schuman-Fallon Stadium). Bij de Neerman-bussen werden de logo's van de merken steevast op de filmkast aangebracht. © Coll. M. Reps.

MIVB 8118

Door de levering van deze reeksen volgen weer een pak mutaties:

  • • de Brossel A99 DAR en A98 DAR/Jonckheere uit Elsene worden afgevoerd. Elsene krijgt van Vandermeeren de Van Hool-Leyland en Fiat 4 reeks, maar stuurt de Fiat 3 8441-8455 terug naar Vandermeeren;
  • • in Frontispice kunnen door de levering van de 8001-8030 de Brossel A92 DAR (8341-8356) en de reeks 8900 afgevoerd worden;
  • • Brogniez voert de A98 DARV1 af en krijgt de Fiat 2 8412-8420 van Frontispice;
  • • Vandermeeren ontdoet zich van de Brossels. De A98 DARV1 worden naar Elsene gestuurd vooraleer ze aldaar afgevoerd gaan worden na de levering van de eerste reeks Volvo. De A98 DARV2 worden naar de Leuvensesteenweg gestuurd om de ldaar afgevoerde A98 DARV1 te vervangen
  • • de Fiat 5 worden verdeeld tussen Brogniez en Vandermeeren.

Eens de eerste reeks Volvo-bussen bijna volledig in dienst genomen is, levert Jonckheere nu ook de reeks van 15 proefbussen op het Magirus SH110 chassis aan Frontispice. Ze lijken qua uiterlijk op de Mercedes reeks, en hebben een Deutz motor. Ze krijgen de nummers 8031-8045.

Wanneer in september 1976 de premetrolijn 1 tot een « echte » metrolijn vervelt - die tevens verlengd wordt tot Tomberg en Beaulieu - past het busnet zich aan. Zo wordt lijn 28 (Munt-Fallon Stadium) beperkt tot het metrostation Schuman. Daar wacht bus 8031 zijn vertrek af. Ook de reeks Magirus kreeg grijze schortbanden. Let ook op de verschillende kleuren van de in- en uitstapdeuren! Coll. M. Reps.

MIVB 8031

De vierde reeks proefbussen (8046-8060), met een carrosserie door Bus & Car wordt pas tussen juli en september 1976 geleverd. De eerste bus 8046 was rees in juli 1975 geleverd, maar kort nadien was Bus & Car failliet gegaan. Het uiterlijk van deze bussen is de ultieme uitwerking van het Neerman-design. De motor is een krachtige Caterpillar, die samengaat met een automatische viertraps gangwissel. Ook worden de halteknoppen vervangen door een doorlopende horizontale gele band onder de verlichting.

Door de levering van deze laatste twee proefreeksen stuurt Frontispice de Fiat 2 8383-8411 naar Brogniez

Bus 8054 heeft net het Noordstation verlaten, op weg naar het AZ in Jette. Deze reeks had metalen schortplaten. © Coll. M. Reps.

MIVB 8054

De vernieuwing van het wagenpark stopt hiermee nog niet. Tussen oktober 1976 en februari 1977 levert Jonckheere een tweede reeks Volvo B59-55. Deze « Volvo 2 » vormen reeks 8121-8190. Het worden de eerste bussen die aan de nieuwe remise Delta geleverd worden.

Lijn 51 onstond in juni 1975 als een verbinding tussen het Dancoplein en het Wienerplein. Naderhand werd de lijn verlengd tot enerzijds Ukkel Kalevoet en tot Demey-kruispunt St-Anna anderzijds. (locatie?) © Coll. M. Reps.

MIVB 8165

Twee nieuwe remises

Na de vernieuwing van het wagenpark beslist de MIVB om ook de garages onder handen te nemen. Niet enkel zijn de installaties verouderd, maar ze bieden ook niet voldoende plaats om alle bussen te stallen. Daarom zullen twee nieuwe remises gebouwd worden: een te Oudergem (« Delta »), de andere te Haren.

Delta stalt naast bussen ook metrostellen en voert ook onderhoud aan deze stellen uit. Naast de remise komt een nieuwe metrohalte, die in september 1976 opengaat. Het complex wordt op 20 februari 1976 in dienst genomen. In de voorgaande nacht worden alle bussen vanuit Elsene richting Delta gebracht. Sindsdien is de tram weer heer en meester in de remise Elsene.

In het complex Haren, gelegen op de grens tussen Evere en Haren, vinden we naast garageinfrastructuur ook enkele ateliers en een dubbele schilderspost terug. Ook de administratie vind hier een onderkomen. Het complex moet in de loop van 1977 de verouderde garages van Frontispice en de Leuvensesteenweg vervangen.

In deze laatste remise worden de laatste Brossel A98 DARV2 afgevoerd. Enkel de 8281 en 8283 blijven als rijschoolbus over. Als vervanging krijgt de garage een deel Fiat 5 (8599-8613) van Brogniez, en alle Van Hool-Leyland en een deel Fiat 4 (8516-8524) van Delta. Na de levering van de Volvo 2 te Delta worden ook de 8525-8542 naar de Leuvensesteenweg gestuurd.

In januari 1977 worden de Fiat 1 vanuit Frontispice naar Delta gemuteerd, waar ze in inactieve reserve geplaatst worden (8359-8364 blijven in Frontispisce). Vanuit Vandermeeren komen de Fiat 3 8456-8465 naar Frontispice. Deze worden tijdens de zomer van dat jaar terug naar Vandermeeren gestuurd.

In de zomer van 1977 rationaliseert de MIVB haar park. Zo gaan de laatste Fiat 2 vanuit Frontispice naar Vandermeeren. In Delta worden de Fiat 1 afgevoerd, de 8365-8366 worden naar de Leuvenstesteenweg gemuteerd om er de rijopleiding te verzorgen.

De sluiting van Frontispice en Leuvensesteenweg

Op 23 september 1977 sluit Frontispice de deuren. Alle bussen verhuizen naar het nieuwe complex te Haren. Het atelier zou er nog tot in 1980 blijven. De - laatste - Fiat 5 (8588-8594) worden op dezelfde dag vanuit Vanderemeren naar Haren gemuteerd.

Op 19 november 1977 is het de beurt aan de garage op de Leuvenstesteenweg om te sluiten. In november 1977 worden in Haren de Fiat 1 terug in dienst gesteld, dit om er speciale diensten mee te rijden. Ook de 8365-8366 worden terug in reizigersdienst ingezet. Voor de rijopleiding worden nu de 8286-8287 (Brossel A98 DARV2) voorzien.

Als laatste in de verjongingsoperatie bestelt de MIVB een reeks van 79 Van Hool-MAN bussen. De bussen zijn van het type A120, maar krijgen net als de overige nieuwe reeksen het Neerman design. Deze reeks - 8191-8269 - is voorzien voor Haren. De eerste exemplaren komen in september 1978 in dienst, de laatste in juni 1979.

Bus 8211 op het Meirplein te Anderlecht. Vanaf 24 september 1979 deelde de remise Brogniez de exploitatie van de lijnen 46 en 49 met Haren. Daarom zien we deze 8211 op lijn 49. © Coll. M. Reps.

MIVB 8211

Door de levering van de A120 stuurt Haren alle Van Hool-Leyland (8501-8515) naar Brogniez. Daar - en ook in Vandermeeren - kunnen de Fiat 2 afgevoerd worden. Enkel de 8380 en 8382 blijven als rijschoolbus in dienst, en vervangen zo de 8365-8366. Haren stuurt ook de Fiat 4 naar Delta, dat op zijn beurt zijn Fiat 3 naar Vandermeeren doorschuift. Als laatste puzzelstukje stuurt Haren ook nog de Fiat 5 8592-8613 naar Brogniez.

Op 24 september 1979 vinden nog enkele kleinere mutaties plaats. Vandermeeren stuurt de Fiat 3 8467-8483 naar Haren. Tegelijk gaat lijn 13 naar deze remise over. Haren stuurt op zijn beurt de Fiat 5 8589-8591 naar Brogniez.

De eerste minibusjes

Vanaf 22 mei 1978 verzorgt de MIVB ook vervoer voor mindervaliden. Hiervoor worden enkele minibusjes aangekocht. Acht Peugeot, met een koestwerk door Durisotti (8901-8908) worden tussen maart en mei 1978 geleverd, gevolgd door twee Heuliez in april 1978 als reeks 8909-8910.

Wat een verschil met de huidige minibusjes! Een Peugeot/Durisotti op de parking van de UCL. © Coll. M. Reps.

MIVB 8905
Terug naar boven