Linglez - Eltebe

Buslijst Linglez - EltebeSinds juni 1927 exploiteert Arthur Linglez (1892-1965) uit Brugge de lijn Brugge-Blankenberge. Hij beschikt dan over een White van 26 pk en een A.S. van 26 pk.

Arthur was een gedecoreerd oudstrijder uit de Eerste Wereldoorlog en was ook voetballer bij AS Oostende en Cercle Brugge. Bekijk hier de collectie Arthur Linglez op Europeana 1914-1918.

Hij vraagt de lijn al op 19 februari 1927 aan, voor een periode van 20 jaar. Hij krijgt hiervoor een machtiging per KB van 4 juli 1927, voor een periode van tien jaar. Aan de spoorwegen moet hij vanaf 1934 een concurrentievergoeding van 10% afdragen. Daarnaast biedt hij reizen aan met een vloot luxe Minerva cars. Ook de bussen die hij op de lijn gebruikt zijn steevast van dit merk. Tijdens de zomermaanden zijn er drie bussen op de baan, en wordt nog een reservebus voorzien voor drukke dagen.

In juni 1934 wordt hij ook gemachtigd om autocardiensten van de 1ste categorie uit te baten.

Een Koninklijk Besluit van 1 juni 1937 draagt de lijn Brugge-Blankenberge aan de NMBS over, voor een periode vantien jaar. Arthur Linglez wordt samen met stadsgenoot Paul De Backer exploitant van deze lijn 540.

Eind november 1941 moet hij noodgedwongen de dienst staken. Pas in 1944 hervat het verkeer op deze buslijn. Op dat ogenblik krijgt deze het tabelnummer 189, vanaf 1947 wordt dit 239 en op 18 mei 1952 lijn 241.

De dienstregeling van lijn 239 uit de NMBS winterdienstregeling 1949-1950.

dienstregeling lijn 239

Na de oorlog wordt de lijn samen uitgebaat met weduwe August Simon uit Brugge. Zij draagt in juli 1956 haar rechten over op André Decock uit St-Andries (Brugge).

De eerste aangekochte bussen na de oorlog zijn een Renault (21-22), een Chausson (21-16) en een Bernard/Jonckheere (21-46). Wellicht heeft de Willems W.V.305 uit 1937 de oorlog overleefd en het deugdelijkheidsnummer 21-19 gekregen.

In 1953 komt daar een Daimler/Jonckheere (21-22) bij, gevolgd door een Brossel A98/Van Hool Cityliner in 1956.

Vanaf 29 september 1957 komt de vervangingslijn 51a in de plaats van de aanvullende lijn 241.

Arthur richt in juni 1963 samen met zijn zoon Antoine (1929-2002) de pvba Arthur Linglez & Zoon op. Naast lijnvervoer is hun belangrijkste activiteit het toerismevervoer. In de jaren 1960 komen verschillende AEC/Jonckheere autocars het bedrijf versterken.

Bij de overname van de NMBS-contracten door de Buurtspoorwegen vinden in 1977 drie bussen onderdak in het nieuwe contract 3601. Twee hiervan zijn Leyland/Van Hool, de derde bus is een AEC/Jonckheere.

Een tweede Mercedes-Benz O305J/Jonckheere TransCity kwam in 1987 als 360105 in dienst. We zien de bus aan de eindhalte van lijn 51a te Blankenberge. © M. Reps.

Linglez 360105

De volgende twee bussen worden beide Mercedes-Benz O 305J/Jonckheere TransCity en krijgen de nummers 360104 en 360105. De derde TransCity komt op een Volvo B10R-55 chassis (de 360106 uit 1987).

Eltebe

Ondertussen kwam Pascal Linglez aan het hoofd van het bedrijf te staan. Samen met twee andere Brugse autocaristen – Traen en Bossant – richt hij Eltebe op. Dit nieuwe fusiebedrijf neemt het contract 3601 over. Aan de Lieven Bauwenslaan verrijst een nieuwe garage. In 1994 verlaat Bossant de nieuwe firma. In hetzelfde jaar worden Les Voyages Belges uit Anderlecht overgenomen, dat in 2001 aan Open Tours doorverkocht wordt.

In 1998 neemt het bedrijf een Mercedes-Benz O 405 van P. Van Mullem uit Boutersem over. De bus krijgt het nummer 360107. Als laatste bus komt in 2002 nog een Volvo B7RLE/Jonckheere Transit 2000 360108 bij het bedrijf te rijden.

In hetzelfde jaar neemt het bedrijf Ramoudt Tours uit Oostende over, dat naast een aantal autocars ook een reisbureau bezat. Het reisbureau wordt in 2000 aan Sunair verkocht, dat op zijn beurt West Belgium Coach van de hand deed aan Eltebe.

Bij de nieuwe contracten De Lijn (begin 2003) worden alle bussen in deze laatste firma ondergebracht. De 360107 en 360108 worden zo 551075 en 551068. Eltebe gaat verder in het toerisme en komt in de Flanders Coach Group terecht, dat in 2009 door Keolis overgenomen wordt.

Bronnen:

  • De Volder, D. (1982). Geschiedkundig overzicht van het openbaar vervoer vanaf 1919 tot 1939 in de streek van Brugge, Knokke, Oostende en Veurne. Brugge: eigen beheer.
  • De Volder, D. (1984). Geschiedkundig overzicht van het openbaar vervoer in de provincie West-Vlaanderen. Periode van 1945 tot en met 1963. Brugge: eigen beheer.
  • Eigen documentatie
Terug naar boven