Maatschappij voor het Intercommunaal Vervoer te Antwerpen (MIVA)

Als een gevolg van de wet op de stedelijke vervoerbedrijven hield de T.A.O. op te bestaan op 31 december 1962. De dag erop nam de Maatschappij voor het Intercommunaal Vervoer te Antwerpen de fakkel over.

De aandelen van deze maatschappij waren verdeeld over de Belgische staat, de provincie Antwerpen en de gemeenten in de agglomeratie Antwerpen. Ze kreeg de vergunningen voor alle tram- en buslijnen die de Tramways d'Anvers bezaten op 31 december 1945 en de uitbreidingen die na deze datum door de T.A.O. gerealiseerd werden.

Tegelijk nam de MIVA ook de pachtcontracten die de T.A.O. met De Polder afgesloten had, over.

De overgenomen bussen van de T.A.O. werden allemaal hernummerd. Zo werd 30 in 330 hernummerd. We zien de bus nabij het station van Berchem. Lijn 29 kende overigens maar een kort bestaan als een pendeldienst Berchem (station)-UIA, dit tussen september 1972 en maart 1973. © collectie M. Reps.

dienstregeling

De gunning voor de trolleybuslijn 6 werd ook nog ingebracht, tot deze op 30 maart 1964 gestaakt werd. De laatste maanden reden er meestal nog maar enkele trolleybussen uit. De overige ritten werden reeds met een dieselbus verzekerd.

De jaren zestig en zeventig

De MIVA verbuste twee tramlijnen: 1 (Zuidstation-Noorderplaats, 15 juni 1965) en 16 (Luchthaven-Melkmarkt, 1 januari 1965). We geven nog vlug de belangrijkse wijzigingen op het net in de jaren zestig tot tachtig mee.

Op 18 januari 1965 wordt de nieuwe lijn 20 (Centraal Station-Deurne Mortselsesteenweg) met 3 Van Hool bussen ingereden. Vanaf 1 mei 1965 wordt ze met lijn 19 aan de Rooseveltplaats gekoppeld.

Lijn 28 ontstond als een pendeldienst tussen het centrum van Merksem en de Maantjessteenweg op 1 oktober 1964. Vanaf 4 september 1967 wordt de lijn tot aan de Rooseveltplaats verlengd. Ze rijdt gecombineerd met de Buurtspoorweglijn 66. Nadien wordt ze nog tot het Melgeshof en tenslotte tot het AZ Jan Palfijn (1979) verlengd.

Op 1 juli 1968 wordt lijn 27 tot het "Medisch Instituut Middelheim" verlengd. Het AZ Middelheim wordt vanaf 2 februari 1970 door deze lijn bedient. In december 1969 wordt lijn 1 vanuit de Noorderplaats tot de Londenstraat verlengd.

Lijn 27 bedient vanaf februari 1970 het Middelheimziekenhuis. Bus 611 komt het terrein van het ziekenhuis opgereden.

dienstregeling

Lijnen 17 en 25 krijgen vanaf 2 oktober 1972 een verlenging vanuit de Bist tot de nieuwe campus van de UIA (Universiteitsplein). Vanaf half september was lijn 29 al gaan rijden - op vraag van de universitaire instellingen - tussen het station van Berchem en de nieuwe campus. De lijn was geen groot succes, en werd midden maart 1973 alweer opgedoekt.

Op 22 oktober 1973 wordt lijn 9 vanuit Berchem station tot aan de Fruithoflaan verlengd.

Lijnen 6 en 34 worden op 1 februari 1974 tot een ringlijn samengevoegd. Lijn 6 volgt de lijn in wijzerzin, 34 in tegenwijzerzin. In december van dat jaar slorpt lijn 16 de pendelbus 22 (Mortsel Gemeenteplein-Kaphaanlei) op. Deze pendelbus werd op 11 januari 1965 ingevoerd.

Op 31 januari 1975 worden de lijnen 5, 17, 25 en 26 gereorganiseerd. Lijn 5 komt te vervallen. Lijn 17 neemt de bediening van de Laarstraat over. De bediening van de wijk Neerland wordt door lijn 25 overgenomen. Tegelijk ontstaat er ook een lijn 25bis, die de Groenplaats met het AZ Middelheim verbindt. Tot aan Wilrijk Bist volgt deze lijn de reisweg van lijn 25. Tot slot wordt ook lijn 32 als proef tot Edegem dorp verlengd (dit eindpunt zou pas in oktober 1978 definitief worden).

Bus 535 voert een rit uit op lijn 25bis, die op 1 februari 1975 ontstaat. © R. Vinck.

dienstregeling

Vanaf 28 jni 1976 rijdt lijn 20 door tot Eksterlaar. Op 2 augustus 1976 wordt lijn 1 vanuit het Zuid richting Hoboken (Lelieplaats) verlengd, om in juni 1979 tot de Verenigde Natieslaan verlengd te worden.

Vanaf 3 september 1979 wordt het nieuwe Akademisch Ziekenhuis tussen 5 en 22 uur bediend door lijnen 17 en 25. Tegelijk wordt lijn 26 tot de wijk Neerland verlengd. Als proef worden ook enkele ritten van lijn 32 via het AZ omgeleid. Door het geringe succes wordt deze proef al op 1 november van dat jaar stopgezet. Op 12 november 1979 worden de lijnen 1 en 9 naar de Rijnkaai en het nieuwe administratieve centrum op het Eilandje verlengd.

De jaren tachtig

Lijnen 19 en 20 waren al vroeger gekoppeld op de Rooseveltplaats, maar werden dit vanaf 20 september 1982 ook aan de andere kant, dit door beide lijnen in Deurne (Wenigerstraat) met elkaar te verbinden. Er ontstond zo een verbinding tussen Deurne-Noord en Zuid.

Vier buslijnen werden doorverpacht aan Autobus De Polder, namelijk 32, 35, 36 en 37. Op 11-12 januari 1987 vond een wissel plaats: de MIVA nam zelf de uitbating van lijn 36 naar Linkeroever op zich, terwijl ze lijn 23 (Luchtbal-Zuid) aan De Polder overliet.

Vanaf 1 september 1987 smelten lijnen 18 (CS-Berchem Atheneum) en 25bis (Groenplaats-Middelheim) samen door lijn 18 vanuit Berchem tot Middelheim te verlengen. Het cijfer 25bis verdwijnt.

Busreeksen

Verken hier de verschillende Busreeksen van de MIVAIn 1963 had de MIVA het volledige buspark van de TAO overgenomen. De verschillende reeksen kregen een nieuw beginummer. De reeksen "kleine" Brossel (62-77, 78-79, 1-4 en 5-9) werden in de 100-reeks hernummerd. De "grote" Brossels (80-85 en 86-91) kregen een 2 voorgeplaatst. De twee reeksen Büssing (10-34 en 35-45) werden in de 300-reeks en de reeks Guy Victory (55-61) in de 400-reeks.

René Stevens legt op de Draakplaats (Berchem) deze MIVA 510 vast, een Van Hool 420 uit de eerste bestelling bij Van Hool door de MIVA.

dienstregeling

In 1963 bestelt de MIVA een eerste reeks bussen. Net als de MIVB en de NMVB richt de maatschappij zich tot de zelfdragende constructie Van Hool (type 420) met Fiat componenten. Dit wordt de reeks 501-530. Hiermee kunnen ondermeer de tramlijnen 1 (Zuidstation-Noorderplaats) en 20 (CS-Deurne) verbust worden, maar ook konden in maart 1964 zo de enkele trolleybussen die soms nog op lijn 6 reden vervangen worden. Het uiterlijk doet nieuw aan, de raampartijen en de voorruit zijn groter uitgewerkt.

Bij de daaropvolgende reeks Van Hool Fiat bussen (531-560), die in 1967 besteld werd, zien we dat een nieuw ontwerp ingevoerd wordt. De iets meer hoekige constructie heeft nu raampartijen die doorlopen tot de rand van het dak waarmee ze de bus een ruimer gevoel geven.

De eerste reeks (561-575) worden nog op het Van Hool 420 HA St.9 type gebouwd, terwijl de daaropvolgende reeksen (vanaf 576) van het nieuwe AU9 (AU 95) type zijn. Vanaf reeks 561 zien we dat de ramen iets meer naar onder doorgetrokken worden.

De jaren zestig en zeventig werden gedomineerd door de combinatie Van Hool-Fiat. We zien bus 560 op de Bolivarplaats. © W. Ceulemans.

dienstregeling

Door de komst van deze reeksen (531 tot 610) konden alle overgenomen bussen van de T.A.O. afgevoerd worden. Vanaf bus 541 wordt naast de ophanging met bladveren ook voorzien in een luchtvering. Vanaf reeks 561-610 zien we dat de ophanging volledig pneumatisch is.

In de late jaren zeventig, na de komst van de laatste reeks Van Hool Fiat bussen (646-662) wordt de reeks 500-530 afgevoerd.

Toen midden jaren tachtig nieuwe bussen besteld moesten worden om enkele reeksen Fiats af te voeren, koos de MIVA – verrassend – voor de combinatie Jonckheere-Mercedes. Deze reeks werd gekozen omdat ze een volledig vlakke vloer bood over de hele lengte van de bus. De hoge instap moesten de passagiers maar voor lief nemen.

Omdat veel bussen uit de oudere Fiat reeksen (531-560) in zo'n slechte toestand verkeerden was men al begonnen met hun afvoer. Maar hierdoor zat de MIVA met een tekort aan bussen om alle diensten vlot te kunnen verzekeren. Om dit op te lossen werden bij de Brusselse vervoersmaatschapij MIVB een aantal Van Hool Fiat bussen gekocht. In totaal maakten 25 stuks de overstap. Deze kregen nummers tussen 428 en 483. Deze waren niet lukraak gekozen: elke bus in de 400 verving immers een bus in de 500 die hetzelfde nummer had, zo verving de 428 bus 528.

In de Cogels-Osylei komt bus 468 voorbij.

dienstregeling

Toen in 1986 een eerste reeks van 50 Jonckheeres geleverd werden, verlieten deze bussen terug het park. Einde 1986 volgde nog een tweede reeks Jonckheere bussen, ditmaal 30 stuks.

Met de komst van deze 80 nieuwe bussen konden de reeksen werden naast de Brusselse bussen, ook de reeksen 561-590 en 591-610 uit dienst gehaald.

Bus 1033 op lijn 17/27 op de foto gezet nabij het Stadspark.

dienstregeling

In 1991 werd het wagenpark van de MIVA door De Lijn overgenomen. De Fiat reeksen zouden het daarna nog een paar jaar uithouden. De laatste Jonckheere werd pas in 2004 afgevoerd.

Huisstijl

De bussen van de T.A.O. waren nog voorzien van een crème (raampartijen)-bordeaux beschildering.

Eind jaren zeventig besluit de MIVA om deze donkere kleur te vervangen. Na een proef met een lichtgroene kleur wordt uiteindelijk gekozen voor een combinatie van wit (boven) en lichtrood, met een donkerblauwe bies onder de raampartijen.

Bus 551 wordt van een proeflivrei voorzien en krijgt de bijnaam « Hulkbus » mee. © M. Reps.

dienstregeling

Bij de levering van de Jonckheere bussen in 1986 wordt nogmaals een nieuw kleurenschema voorgesteld, met meer nadruk op het wit. Enkel de twee reeksen Jonckheere bussen zouden deze livrei krijgen.

Het nieuwe logo van de MIVA.

dienstregeling

Het eerste logo van de MIVA leek sterk op dat van de MIVB: een cirkel waarin de letters de ronding volgen. Begin jaren tachtig werd een nieuw logo ontworpen, dat tot 1991 dienst zou doen.

Stelplaatsen

Vanaf de jaren 1950 stalde de T.A.O. haar bussen in de loodsen Pothoek (1954) en Brusselstraat (1952). Door het verminderen van de tramdiensten hadden de Buurtspoorwegen hun stelplaats "Zurenborg" met de bijbehorende gebouwen verlaten. De MIVA greep deze kans aan om haar programma van rationalisatie door te voeren door hier een autobusgarage met onderhoudscentrum op te richten. Het terrein werd in april 1964 van de NMVB gekocht. Op 18 mei 1965 werd de eerste steen gelegd. De bussen en administratie uit de loodsen Pothoek en Brusselstraat werden op 16 maart 1967 naar de nieuwe garage Zurenborg overgebracht. Deze bood plaats aan 133 bussen.

Bronnen:

  • Keutgens, E. (1980). De Antwerpse tram : van paardetram tot premetro 1873-1979. Antwerpen: MIVA.

Lees meer over:

Terug naar boven